Ca. 800 – 1450 | De voorloper van de Eusebius

893 ‘In Arnhem staat een kerk die belasting betaalt’

Voordat de Eusebiuskerk werd gebouwd, stond op deze plek een andere kerk. Die was gewijd aan de heilige Martinus: de St. Maartenskerk.
Het eerste bewijs daarvoor komt uit een overzicht van de eigendommen van de St. Salvatorabdij in Prüm in de Eifel: ‘Est in Arnhem ecclesia 1 quae solvit librum 1’. Vrij vertaald: in Arnhem is een kerk die (ons) belasting betaalt. De Duitse abdij was in feite eigenaar van de Arnhemse kerk en kreeg een deel van haar opbrengsten.
Over dit gebouw is maar weinig bekend. Tot 1959 stond nog niet eens vast waar deze kerk exact heeft gestaan. Lang werd verondersteld dat de voorloper van de Eusebius stond op de hoek van de Koningstraat en de voormalige Kippenmarkt, globaal waar nu Dudok te vinden is. Ook is nog even gedacht dat deze St Maartenskerk in de buurt van de huidige wijk Sint Marten stond.
Maar tijdens de restauratie van het koor eind jaren vijftig van de vorige eeuw werden in de huidige kerk aan de kant van de Markt (zuidzijde) restanten ontdekt van de Maartenskerk waardoor het verleden goed kon worden gereconstrueerd.
Lees ook: ‘Groter, hoger mooier: Waarom de Eusebiuskerk er staat zoals ze er staat’

9e-10e eeuw, pre-romaanse fase; een eenvoudig zaalkerkje

9e - 10e eeuw: Preromaanse fase

9e – 10e eeuw: Preromaanse fase

In haar oudste vorm stond er waarschijnlijk niet meer dan een kleine ‘zaalkerk’, een rechthoekig stenen gebouwtje waaraan een iets smaller koor was toegevoegd. Onder dat koor was  tot een diepte van 4,65 meter een crypte gemaakt.

11e eeuw, vroeg-romaanse fase; de eerste toren

11e Eeuw: Vroegromaanse fase

11e Eeuw: Vroegromaanse fase

Er wordt een toren aan de westzijde gebouwd. De toren mat vermoedelijk 8 bij 8 meter en lag in het verlengde van de Kerkstraat, die toen nog voor de toren langs naar de Markt liep. Hoe hoog de toren was, weten we niet.

11e-12e eeuw, romaanse fase; dwarsschip en halfrond koor

11e-12e eeuw, Romaanse fase I

11e-12e eeuw, Romaanse fase I

In de 11e of het begin van de 12e eeuw moet de crypte al zijn dichtgestort, toen men overging tot het vergroten van het koor met een halfronde absis of koorsluiting.  De kerk werd later uitgebreid met een dwarsschip door aan de noord- en zuidkant transepten (kruis- of dwarsbeuken) te bouwen.

Ca. 1200, romaanse fase: zijbeuken en sacristie

Ca. 1200, Romaanse fase II

Ca. 1200, Romaanse fase II

Rond 1200 is de romaanse kerk verbreed. Bij opgravingen zijn aanwijzingen gevonden voor de bouw van zijbeuken. Aan de noordkant lag – verdiept – een nagenoeg vierkante kapel of sacristie.  Er staat dan een kleine, maar complete Romaanse kruiskerk met de afmetingen van een gemiddelde dorpskerk: de lengte van schip en koor bedroeg 34 meter; de breedte van het schip was ongeveer 18 meter.