Midden in de samenleving

Of, waarom de kerk zo belangrijk was

Eeuwenlang speelde de kerk, ook de Eusebiuskerk in Arnhem, een belangrijke rol in de samenleving. Vooral in de Middeleeuwen had de kerk het alleenrecht op het zielenheil van de gelovigen. Allen via de kerk kwam een zondig mens in de hemel. Voor alle geestelijke en spirituele nood wendde de middeleeuwse mens zich tot de kerk.

Sociale verbanden
Er waren ook sociale verbanden tussen kerk en gemeenschap. Alle handwerkslieden in een stad waren bijvoorbeeld verplicht aangesloten bij een gilde. Een gilde was een combinatie van beroepsvereniging, vakbond, pensioenfonds en sociëteit. Gilden waren tot ver in de achttiende eeuw een belangrijk onderdeel van de samenleving. In de katholieke Middeleeuwen had elk gilde zijn eigen schutspatroon of patroonheilige: een christelijke heilige die het gilde beschermde en de leden ondersteunde. Kunstschilders vereerden bijvoorbeeld de heilige Lucas, die volgens de legende het eerste portret van Maria met het kind Jezus had geschilderd. Zeelieden vereerden Sint Nicolaas, omdat hij drie pelgrims redde toen hun schip dreigde te vergaan. En omdat Jozef, de echtgenoot van Maria en de wereldse vader van Jezus een timmerman zou zijn geweest, werd Jozef de schutspatroon van de timmerlieden.

Zegen voor de samenleving
In veel parochiekerken, ook in de Eusebiuskerk, stonden altaren, gewijd aan de patroonheiligen van de diverse gilden in de stad. Op de feestdag van de heilige werden op deze altaren speciale missen gevierd. De altaren werden betaald door de gilden. Veel kunst in oude kerken werd door gilden in opdracht gegeven. Geschilderde of gebeeldhouwde altaarstukken bijvoorbeeld, met afbeeldingen van de patroonheilige. In de Eusebiuskerk waren, vóór  de verwoesting van 1944, nog resten te zien van plafondschilderingen die patroonheiligen voorstelden. Deze schilderingen waren tijdens de restauratie van 1894-1930 onder de witkalk tevoorschijn gekomen. De altaren en de altaarstukken waren eeuwen eerder al door het protestantse kerkbestuur opgeruimd.
Ook anderszins waren gilden en andere maatschappelijke organisaties betrokken bij het onderhoud en de verfraaiing van kerkgebouwen. Financiële steun aan de kerk werd vaak gezien als steun aan Gods werk op aarde, en daarmee als een zegen voor de samenleving. En als een zegen voor het toekomstige zielenheil van de goede gevers, uiteraard.

Zieken, ouderen en wezen
Er waren meer sociale verbanden tussen kerk en maatschappij. De armenzorg was grotendeels in handen van de kerk en van kerkelijk betrokken instellingen. In de Eusebiuskerk deelden de gilden bijvoorbeeld brood uit aan de vele armen in de stad. Vier van de beschilderde tafelbladen waaraan dat gebeurde, zijn tot september 1944 in de kerk bewaard gebleven. De kerk dreef ook weeshuizen, ziekenhuizen, hofjes voor ouderen en andere openbare voorzieningen. En de kerk was een belangrijke werkgever in de stad. De kerk stond tot ver in de twintigste eeuw centraal in de samenleving, en het kerkgebouw was daarvan het zichtbare en tastbare symbool. Ook de Eusebiuskerk.

Martin Pieterse